Inflatie raakt iedereen, maar lang niet iedereen weet precies wat het is of hoe het ontstaat. Je merkt het aan de kassa van de supermarkt, bij het tankstation of als je je energierekening opent. Prijzen stijgen, en je koopt met hetzelfde geld minder dan een jaar geleden. Dat gevoel klopt, want in Nederland en de rest van Europa zijn de prijzen de afgelopen jaren flink omhooggegaan. Hoe dat werkt, wat er achter zit en wat het voor jou betekent, lees je hier.
Wat er gebeurt als geld minder waard wordt
Stel dat je vorig jaar een pak pasta kocht voor één euro. Dit jaar kost hetzelfde pak misschien één euro twintig. Die stijging van prijzen heet prijsstijging, en als dat breed gebeurt in de economie, spreken economen van inflatie. Het gaat dus niet om één product, maar om een algemeen patroon waarbij vrijwel alles duurder wordt. Om dit bij te houden, kijken centrale banken zoals de Europese Centrale Bank naar een mandje met producten en diensten die mensen regelmatig kopen. Dat mandje bevat dingen als voedsel, kleding, huur, energie en vervoer. Als de gemiddelde prijs van dat mandje stijgt, stijgt de prijsindex. Een beetje stijging is normaal en zelfs gewenst. De Europese Centrale Bank streeft naar een prijsstijging van ongeveer twee procent per jaar. Dat houdt de economie in beweging zonder dat geld snel zijn waarde verliest.
De oorzaken achter snel stijgende prijzen
In de zomer van 2021 begonnen de prijzen in het eurogebied plotseling snel te stijgen. In oktober 2022 piekte de prijsstijging op 10,6 procent in het eurogebied, een historisch hoog niveau. Dat was het gevolg van meerdere dingen tegelijk. Tijdens de coronapandemie lagen fabrieken stil en werden minder goederen geproduceerd. Zodra de economie weer opstartte, steeg de vraag snel, maar het aanbod kon dat tempo niet bijhouden. Daarna zorgde de oorlog in Oekraïne voor een enorme stijging van energieprijzen en voedselprijzen, omdat Rusland en Oekraïne grote leveranciers zijn van gas en graan. Die combinatie van factoren dreef de kosten van levensonderhoud omhoog op een manier die Europa in decennia niet had meegemaakt. Geldontwaarding op zo’n grote schaal heeft directe gevolgen voor gewone huishoudens, want lonen stijgen zelden even snel als de prijzen.
Hoe de overheid en centrale bank reageren
Als de prijzen te snel stijgen, heeft de overheid en de centrale bank een aantal middelen om dat af te remmen. Het bekendste middel is het verhogen van de rente. Als lenen duurder wordt, geven mensen en bedrijven minder uit. Dat vermindert de vraag naar producten en diensten, waardoor de druk op prijzen afneemt. De Europese Centrale Bank verhoogde de rente tussen 2022 en 2023 meerdere keren achter elkaar, sneller dan ooit eerder in haar geschiedenis. Dat had effect: de prijsstijging daalde geleidelijk. Toch heeft renteverhoging ook nadelen. Mensen met een variabele hypotheek betalen ineens meer per maand. Bedrijven lenen minder en investeren minder. En voor mensen met schulden wordt de last zwaarder. Het is dus altijd een afweging tussen het remmen van prijsstijgingen en het niet te zwaar belasten van de economie.
Wat je zelf kunt doen bij stijgende kosten
Wanneer de koopkracht daalt, loont het om bewuster met geld om te gaan. Een eerste stap is inzicht krijgen in waar je geld naartoe gaat. Mensen die hun vaste lasten en uitgaven bijhouden, ontdekken vaak dat er meer ruimte is dan ze dachten. Sparen heeft bij hoge prijsstijgingen een keerzijde: als de rente op je spaarrekening lager is dan de prijsstijging, verliest je spaargeld in werkelijkheid aan waarde. Dat wil niet zeggen dat sparen zinloos is, maar het helpt om ook na te denken over manieren om je geld te laten renderen. Boodschappen doen met een lijstje, energiecontracten vergelijken of overstappen naar een goedkopere aanbieder zijn kleine stappen die samen een groot verschil kunnen maken. Wie zijn inkomen wil beschermen tegen geldontwaarding, doet er goed aan om regelmatig zijn financiële situatie te bekijken en waar mogelijk te anticiperen op veranderingen in prijzen.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen inflatie en deflatie?
Bij prijsstijging worden dingen duurder en daalt de koopkracht van geld. Bij deflatie gebeurt het omgekeerde: prijzen dalen. Dat klinkt fijn, maar deflatie is vaak een teken van een zwakke economie. Mensen wachten dan met kopen omdat ze verwachten dat iets morgen goedkoper is. Dat remt de economie verder af en kan leiden tot een negatieve spiraal.
Waarom is een beetje prijsstijging juist goed voor de economie?
Een kleine, stabiele prijsstijging van ongeveer twee procent per jaar geeft bedrijven de ruimte om te investeren en werknemers te betalen. Het moedigt mensen ook aan om geld uit te geven in plaats van het eindeloos op te potten. Zonder enige stijging zou de economie veel minder soepel draaien.
Merkt iedereen prijsstijgingen even hard?
Nee, niet iedereen merkt het even sterk. Mensen met een laag inkomen geven een groter deel van hun geld uit aan basisbehoeften zoals eten, energie en huur. Juist die categorieën stijgen bij hoge prijsontwikkeling het meest. Daardoor raken hogere woonlasten en duurder voedsel hen harder dan mensen met een hoger inkomen.
Wat gebeurt er met mijn spaargeld als de prijzen stijgen?
Als de rente op je spaarrekening lager is dan de stijging van prijzen, verliest je spaargeld aan koopkracht. Je hebt na een jaar nominaal hetzelfde bedrag, maar je kunt er minder mee kopen. Dat wordt ook wel reële waardedaling genoemd. In periodes van hoge prijsstijging is het verstandig om te kijken of je spaargeld rendeert op een manier die dat verlies zoveel mogelijk beperkt.