Structurele werkloosheid uitgelegd: wat het is en waarom het zo hardnekkig is

Written By Karin

Gepassioneerd over financiële planning en budgettering en deelt haar kennis graag met anderen. Ze gelooft dat iedereen de controle kan hebben over hun financiën door middel van slim budgetteren en verstandige beleggingsbeslissingen.

Banen verdwijnen, maar het werk keert niet terug. Dat is in één zin de kern van wat structurele werkloosheid inhoudt. Het gaat om een vorm van werkloosheid die ontstaat door blijvende veranderingen in de economie, niet door een tijpelijke dip of een seizoen zonder werk. Wat is structurele werkloosheid precies, hoe ontstaat het en wat kun je eraan doen? Dat lees je hier.

Hoe verschilt structurele werkloosheid van andere soorten werkloosheid?

Werkloosheid kent meerdere vormen. Seizoenswerkloosheid is tijdelijk: in de bouw of toerismesector is er in de winter gewoon minder werk, maar dat trekt bij. Conjuncturele werkloosheid hangt samen met economische neergang. Als de economie weer aantrekt, groeit de werkgelegenheid mee.

Structurele werkloosheid is anders. Die lost niet vanzelf op als de economie aantrekt. De oorzaak zit dieper: er is een blijvende mismatch tussen wat werkzoekenden te bieden hebben en wat werkgevers nodig hebben. Zelfs als er volop vacatures zijn, vinden veel mensen geen werk.

Wat zijn de oorzaken van structurele werkloosheid?

Structurele werkloosheid wordt veroorzaakt door veranderingen in de kwantiteit, kwaliteit en kosten van productiefactoren zoals arbeid en kapitaal. In gewone taal betekent dat het volgende.

  • Technologische verandering: machines en computers nemen taken over van mensen. Denk aan fabrieksrobots die handmatig werk vervangen, of software die administratieve taken afhandelt. De banen verdwijnen, maar de mensen die ze uitvoerden hebben niet automatisch de vaardigheden voor nieuwe functies.
  • Verschuiving in de economie: sectoren krimpen of verdwijnen. Als een hele industrie wegvalt, zoals bepaalde maakindustrie die naar het buitenland verhuist, zijn er plotseling veel mensen zonder werk in een vakgebied dat nauwelijks meer bestaat.
  • Mismatch in opleiding en vaardigheden: de arbeidsmarkt vraagt om mensen met andere kennis dan werkzoekenden hebben. Technische functies blijven onvervuld, terwijl mensen met een verouderd beroepsprofiel geen aansluiting vinden.
  • Te hoge loonkosten: als arbeid te duur wordt vergeleken met automatisering of productie elders, kiezen bedrijven voor alternatieven. Dit kan leiden tot blijvend minder vraag naar bepaalde soorten werknemers.

Wat is kwantitatieve structurele werkloosheid?

Binnen structurele werkloosheid bestaat nog een belangrijk onderscheid. Bij kwantitatieve structurele werkloosheid zijn er werklozen terwijl de productiecapaciteit van bedrijven volledig benut is. Er wordt dus volop geproduceerd, maar er is geen extra vraag naar arbeid. Dit gebeurt bijvoorbeeld als bedrijven door automatisering met minder mensen hetzelfde of meer kunnen produceren. Er zijn genoeg vacatures in andere sectoren, maar de mensen die werkloos zijn sluiten daar niet op aan.

Dit maakt structurele werkloosheid zo taai. Het is niet een kwestie van meer vraag stimuleren. Het probleem zit in de aansluiting zelf.

Waarom is structurele werkloosheid zo moeilijk op te lossen?

Bij conjuncturele werkloosheid helpt het als de overheid de economie stimuleert. Bij structurele werkloosheid werkt dat niet of nauwelijks. De mensen die werkloos zijn, hebben simpelweg niet de vaardigheden of het profiel dat de arbeidsmarkt op dat moment vraagt. Meer vraag creëren lost de mismatch niet op.

Omscholing en bijscholing zijn daardoor de belangrijkste instrumenten. Maar dat kost tijd. Iemand die twintig jaar in een bepaalde sector heeft gewerkt, kan niet van de ene op de andere dag instromen in een technische of digitale functie. Hoe langer iemand werkloos is, hoe lastiger het ook wordt om terug te keren op de arbeidsmarkt.

Daarnaast speelt ook de regio een rol. Als een industrie in een bepaald gebied wegvalt, is er lokaal weinig alternatief werk. Niet iedereen kan of wil verhuizen naar een regio met meer kansen.

Wat helpt er wel tegen structurele werkloosheid?

Er zijn maatregelen die structurele werkloosheid kunnen verminderen, al werken ze zelden snel.

  • Omscholingsprogramma’s: mensen trainen voor beroepen waar wél vraag naar is, zoals techniek, zorg of ICT.
  • Betere aansluiting onderwijs en arbeidsmarkt: opleidingen aanpassen zodat ze beter aansluiten op wat bedrijven zoeken.
  • Loonkostensubsidies: werkgevers stimuleren om mensen met een achterstand op de arbeidsmarkt toch aan te nemen.
  • Regionale arbeidsmarktprogramma’s: in gebieden met veel structurele werkloosheid gericht beleid voeren om nieuwe bedrijvigheid aan te trekken.
  • Leven lang leren: werkenden en werklozen blijvend stimuleren om zich bij te scholen, zodat ze meebewegen met veranderingen in de economie.

Structurele werkloosheid in het kort

Structurele werkloosheid is geen tijdelijk probleem dat vanzelf overgaat. Het is het gevolg van blijvende economische verschuivingen, technologische verandering en een mismatch tussen vaardigheden en de vraag op de arbeidsmarkt. Zelfs als de economie het goed doet, kunnen mensen structureel werkloos blijven omdat ze niet aansluiten bij wat werkgevers zoeken. De oplossing ligt in langdurige investeringen in scholing, opleiding en een flexibele arbeidsmarkt.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen structurele en conjuncturele werkloosheid?
Conjuncturele werkloosheid ontstaat als de economie terugloopt en er minder vraag is naar producten en diensten. Als de economie aantrekt, verdwijnt dit type werkloosheid meestal weer. Structurele werkloosheid lost niet op als de economie groeit, omdat de oorzaak ligt in een blijvende mismatch: mensen hebben niet de vaardigheden of het profiel dat de arbeidsmarkt vraagt.

Kan iemand zelf iets doen als hij of zij structureel werkloos is?
Ja, omscholing of bijscholing is de meest directe stap die iemand zelf kan zetten. Door nieuwe vaardigheden te leren die wel gevraagd worden op de arbeidsmarkt, vergroot je de kans op werk. Werkloosheidsdiensten en het UWV bieden daarvoor in veel gevallen ondersteuning en trajecten aan.

Is structurele werkloosheid hetzelfde als langdurige werkloosheid?
Niet per se. Langdurige werkloosheid betekent dat iemand al lange tijd zonder werk zit, maar de oorzaak kan verschillen. Structurele werkloosheid verwijst naar de oorzaak: een blijvende mismatch in de economie. Iemand kan langdurig werkloos zijn door structurele oorzaken, maar ook door persoonlijke omstandigheden of conjuncturele factoren.

Welke sectoren hebben het meeste last van structurele werkloosheid?
Sectoren die sterk geraakt worden door automatisering of internationale concurrentie lopen het grootste risico. Denk aan bepaalde delen van de maakindustrie, administratieve functies die door software worden overgenomen, en sectoren die sterk afhankelijk zijn van goedkopere productie in het buitenland. Tegelijkertijd kunnen sectoren zoals zorg en techniek juist kampen met personeelstekort.